Bijdragen
De volgende bijdragen zijn door bezoekers toegevoegd:
Identiteit van dhr Janssen, slachtoffer Baswedan affaire
Janssen vroeger werkzaam op de cultuuronderneming Soemboer Agoeng in het Malangse , werd tijdens de Bersiap-tijd in Soerabaja vermoord, verklaarde dhr. Torenberg administrateur van de onderneming Kali Bendo aan de OpsporingsDienst Overledenen ODO.
Volgens de rapporteur Wernink van de ODO zou dhr Janssen slachtoffer zijn geweest in de Baswedan affaire.
Reconstructie van de gebeurtenissen
Omstreeks 15 oktober 1945 (Bloody Monday in de Nederlandse geschiedschrijving) besloten Indonesische revolutionaire autoriteiten en leiders van strijdgroepen in Soerabaja tot arrestatie van Europese en Indo-Europese mannen en jongeren. Het primaire motief was het voorkomen dat deze bevolkingsgroep gewapenderhand zou samenwerken met de Britse troepen die spoedig Soerabaja zouden bezetten. Deze Europeanen werden gezien als een directe bedreiging voor het gezag van de jonge Republiek Indonesia en de Indonesische Revolusi.
Ongeveer 1.600 personen werden naar de Simpang Club gebracht, een koloniale socïeteit, die door de Pemoeda’s, Indonesische nationalisten, als gevangenenkwartier van de Partai Rakjat Indonesia PRI werd gebruikt. Hier vonden gruwelijke gebeurtenissen plaats: tientallen mannen maar ook vrouwen werden door een zogenaamde 'Volksrechtbank' veroordeeld en op afschuwelijke wijze afgeslacht.
Eén voorval dat minder bekend is geworden, zijn de moorddadige gebeurtenissen in het huis van Baswedan in de Kampementstraat 214 in de Arabische wijk van Soerabaja.
Al op zondag 14 oktober 1945 arresteerden Pemoeda’s Europeanen en Indo-Europeanen, waaronder dhr. Janssen uit het RAPWI-kamp Baudstraat/Rochussenstraat. Ze werden onder de beschuldiging van NICA-spionage, overgebracht naar de beruchte Simpang Club in Soerabaja.
Een militante Pemoeda-groep had echter andere plannen voor deze gevangenen. Zesendertig mannen, waaronder ANIEM personeel, werden van de Simpang Club overgebracht naar het huis van Baswedan in de Kampementstraat 214 in de Arabische wijk. De Baswedan-affaire was geboren.
Op 15 oktober werden tien mannen van deze groep per vrachtwagen naar de Kalisosok- of Werfstraatgevangenis vervoerd. De resterende 26 man bleef gevangen in de Kampementstraat. Na de landing van de Britse 49th Indian Brigade onder leiding van brigadier Mallaby op 24 oktober, zagen de Pemoeda’s in het huis van Baswedan geen kans meer om de gevangenen af te voeren naar gebied onder Republikeins gezag. Hierop viel het besluit tot executie van alle gevangenen, waaronder dhr. Janssen . De massamoord op onschuldige burgers werd op 29 oktober 1945 uitgevoerd.
Geplaatst door Peter van den Broek op 31 oktober 2025
Massa-executie Baswedan en dhr Janssen
Omstreeks 15 oktober 1945 (Bloody Monday in de Nederlandse geschiedschrijving) besloten Indonesische revolutionaire autoriteiten en leiders van strijdgroepen in Soerabaja tot arrestatie van Europese en Indo-Europese mannen en jongeren. Het primaire motief was het voorkomen dat deze bevolkingsgroep gewapenderhand zou samenwerken met de Britse troepen die spoedig Soerabaja zouden bezetten. Deze Europeanen werden gezien als een directe bedreiging voor het gezag van de jonge Republiek Indonesia en de Indonesische Revolusi.
Ongeveer 1.600 personen werden naar de Simpang Club gebracht, een koloniale socïeteit, die door de Pemoeda’s, Indonesische nationalisten, als gevangenenkwartier van de Partai Rakjat Indonesia PRI werd gebruikt. Hier vonden gruwelijke gebeurtenissen plaats: tientallen mannen maar ook vrouwen werden door een zogenaamde 'Volksrechtbank' veroordeeld en op beestachtige wijze afgeslacht.
Eén voorval dat minder bekend is geworden, zijn de moorddadige gebeurtenissen in het huis van Baswedan in de Kampementstraat 214 in de Arabische wijk van Soerabaja.
Al op zondag 14 oktober 1945 arresteerden Pemoeda’s Europeanen en Indo-Europeanen, waaronder dhr Janssen uit het RAPWI-kamp Baudstraat/Rochussenstraat. Ze werden onder de beschuldiging van NICA-spionage, overgebracht naar de beruchte Simpang Club in Soerabaja.
Een militante Pemoeda-groep had echter andere plannen voor deze gevangenen. Zesendertig mannen, waaronder ANIEM personeel, werden van de Simpang Club overgebracht naar het huis van Baswedan in de Kampementstraat 214 in de Arabische wijk. De Baswedan-affaire was geboren.
Op 15 oktober werden tien mannen van deze groep per vrachtwagen naar de Kalisosok- of Werfstraatgevangenis vervoerd. De resterende 26 man bleef gevangen in de Kampementstraat. Na de landing van de Britse 49th Indian Brigade onder leiding van brigadier Mallaby op 24 oktober, zagen de Pemoeda’s in het huis van Baswedan geen kans meer om de gevangenen af te voeren naar gebied onder Republikeins gezag. Hierop viel het besluit tot executie van alle gevangenen.
Op 29 oktober werden minstens 26 gevangenen waaronder dhr Janssen in het huis van Baswedan koelbloedig geëxecuteerd en in de nabijheid in een massagraf begraven. Toen het graf werd opengelegd, was identificatie van vele stoffelijke overschotten niet mogelijk.
De weduwe van één van de slachtoffers mevr. J.C.L. Poirrie-Pereira was enige die een nauwkeurig signalement van hem kon geven: “Dhr Jansen was een medekampbewoner: cultuurman, kort, dik gezet, grijsblauwe ogen, zwart haar, ongeveer 24 jaar oud” .
Geplaatst door Peter van den Broek op 27 oktober 2025
Voeg zelf een monument toe
Log in om een monument toe te voegenVoeg zelf een verhaal of document toe
Log in om een bijdrage toe te voegenNederlands Ereveld Kembang Kuning
vak/nummer: A/300:301
Leg bloemen op dit graf


