Eduard Maurice Hijmans
1898-1945
Portret toevoegen?
Klik hierOorlogsslachtoffer
Is 46 jaar geworden
Geboren op 20-12-1898 in Den Haag
Overleden op 15-03-1945 in Midden-Europa
Afbeeldingen
Afbeelding toevoegen?
Klik hierBijdragen
De volgende bijdragen zijn door bezoekers toegevoegd:
OVERLIJDENSDATUM HIJMANS DOOR WOLTER NOORDMAN
ARTIKEL WOLTER NOORDMAN
Eduard Maurice Hijmans, geboren 20 december 1898 in Den Haag, overleden 6 september 1944 in Auschwitz In 1910 woonde Eduard als 12-jarige jongen al niet meer thuis. Hij woonde toen op het adres: 1ste Helmerstraat 95 in Amsterdam. Het is dus aannemelijk dat hij in die tijd al uit huis was geplaatst wegens problemen. Hij woonde op dat moment tegenover paviljoen III van het Wilhelmina Gasthuis, waarin destijds de grootste psychiatrische kliniek van Nederland was gevestigd. Daarna verhuisde Eduard waarschijnlijk naar de Rekkense Inrichtingen in Eibergen, waar hij tot 4 december 1930 is gebleven. Vervolgens woonde hij een aantal jaren aan de Eikenlaan 5 in Wassenaar. Op 27 maart 1935 werd hij opnieuw opgenomen in de Rekkense Inrichtingen. Ten tijde van het uitbreken van de Tweede Wereld Oorlog, verbleef Eduard op āDe Dreefā, aangezien eind mei 1940 de arts E. van Schothorst notuleert dat Eduard Hijmans niet langer te handhaven is en onmiddellijk overgebracht moet worden naar āVeldwijkā in Ermelo. Op dit punt wijkt de persoonskaart af van de werkelijkheid, aangezien Heerde niet wordt vermeld op deze kaart. Wel is destijds in Eibergen eerst een poging gedaan om hem naar Heerde over te schrijven, maar dat is later weer doorgehaald. De persoonskaart geeft aan dat Eduard rechtstreeks vanuit de Rekkense Inrichtingen overgebracht zou zijn naar Ermelo en dat laatste is dus niet juist.Eduard Maurice HijmansVolgens de patiĆ«ntenadministratie van de psychiatrische inrichting āVeldwijkā in Ermelo werd Eduard officieel op 13 juni 1940 opgenomen vanuit de āDr.W.L. Slotstichtingā met een machtiging verleend door de Kantonrechter in Harderwijk. Op 18 december 1943 werd Eduard volgens de administratie van āVeldwijkā met āproefverlofā gestuurd. Hij was ƩƩn van de 18 joodse patiĆ«nten van āVeldwijkā die in de loop van 1943 met het oog op de dreiging, naar huis werden gestuurd. Waar Eduard toen naar toe is gegaan, valt niet meer te achterhalen. Volgens zijn persoonskaart zou hij op 12 januari 1944 opnieuw in Wapenveld opgenomen zijn.De patiĆ«ntenadministratie van āVeldwijkā kan niet bevestigen dat er eenterugplaatsing vanuit āVeldwijkā naar āDe Dreefā aan de orde is geweest. Het was voorschrift in āVeldwijkā om overplaatsingen te vermelden in het register, maar in oorlogstijd werd er vaak van de regels afgeweken. Op 4 december 1944 werd de Officier van Justitie meegedeeld dat Eduard officieel was ontslagen. Formeel omdat hij niet van zijn āproefverlofā was teruggekeerd. Misschien is hij op eigen gelegenheid of op verzoek van zijn familie opnieuw naar Wapenveld gegaan. Volgens de persoonskaart zou hij op 10 november 1944 zijn gearresteerd en op 11 november 1944 zijn weggevoerd naar Duitsland. Deze laatste gegevens van de persoonskaart kunnen echter niet kloppen, zoals uit de volgende informatie blijkt.Uit de gegevens waarover Herinneringscentrum Kamp Westerbork en het Rode Kruis beschikken, blijkt dat Eduard begin augustus 1944 werd gearresteerd. Hij kwam op 10 augustus 1944 aan in Kamp Westerbork. Daar werd hij eerst ondergebracht in barak 67 en later naar barak 3 overgeplaatst. Dit was volgens Herinneringscentrum Kamp Westerbork de barak waar psychiatrische patiĆ«nten werden ondergebracht. Op 3 september 1944 machtigde hij zijn zuster Ernestine om namens hem post in ontvangst te nemen en werd Eduard Hijmans naar Auschwitz gedeporteerd. Hij stond op de lijst āHaftling - Sammelschutzhaftantrag; Krankenhaustransport aus Bar. 3ā. In november 1947 werd in correspondentie met zijn broer H.E.M. Hijmans als overlijdensdatum 6 september 1944 opgegeven. Waar de overlijdensdatum 15 maart 1945, zoals de persoonskaart aangeeft, vandaan komt, weet het Herinneringscentrum Kamp Westerbork niet.
Raymund Schütz, onderzoeker van de afdeling Oorlogsnazorg van het Rode Kruis in Den Haag, heeft hiervoor de volgende verklaring: āBeide overlijdensdata komen voor in zijn dossier. In november 1947 werd aan zijn broer de heer H.E.M. Hijmans, Jonkerlaan 24 te Wassenaar een verklaring afgegeven dat Eduard Maurice Hijmans direct na aankomst in Auschwitz werd omgebracht. Deze vaststelling werd gebaseerd op het feit dat betrokkene leed aan epilepsie, dus niet geschikt was voor arbeid in het kamp en met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid direct werd vergast, zoals dat ook met andere arbeidsongeschikten gebeurde (zieken, bejaarden en kinderen). Een direct bewijs dat dit inderdaad met de heer Hijmans is gebeurd, ontbreekt echter; de namen van de direct vergasten werden niet genoteerd en er is ook geen overlevende die hierover kan getuigen. Het Ministerie van Justitie heeft Eduard, volgens de systematiek van de speciale Wet voor Vermisten uit 1949, doodverklaard op 31 juli 1952. Als
datum van overlijden heeft men 15 maart 1945 aangenomen, als plaats āMidden-Europaā. Het Ministerie van Justitie is er kennelijk van uitgegaan dat Eduard Hijmans wĆ©l was geselecteerd voor dwangarbeid, op grond van het feit dat hij een man was en op grond van zijn leeftijd. Het ministerie was niet op de hoogte van zijn ziekte. Omdat men niet wist waar hij was gestorven, heeft men āMidden-Europaā als overlijdensplaats aangenomen. In dit geval is er dus een aanmerkelijke discrepantie tussen de officiĆ«le plaats en - datum van overlijden in de registers van betrokken officiĆ«le instellingen. Op grond van het aanvullende feit (ziekte) werd in 1947 door het Rode Kruis de overlijdensplaats en - datum anders bepaald dan later door het Ministerie van Justitie. Mijn persoonlijke inschatting is dat de heer Hijmans direct na aankomst in Auschwitz is omgebracht, dus op 6 september 1944ā. Tot zover de verklaring van Raymund Schütz van het Rode Kruis.
Geplaatst door Theo Kwakkel op 19 april 2023

