Jacob Wattimena
1916-1944
Portret toevoegen?
Klik hierOorlogsslachtoffer
Is 28 jaar geworden
Geboren op 06-02-1916 in Boeroe
Overleden op 27-07-1944 in Omgeving Bodjonegoro
Afbeeldingen
Afbeelding toevoegen?
Klik hierBijdragen
De volgende bijdragen zijn door bezoekers toegevoegd:
Jacob Wattimena; daden van Verzet tijdens de Japanse bezetting in Nederlands-Indie .Erkenning
Jacob Wattimena; daden van Verzet tijdens de Japanse bezetting in Nederlands-Indie .Erkenning
Jacob Wattimena maakte deel uit van de verzetsgroep 'Corsica' in Soerabaja o.l.v. de gepensioneerde assistent-resident Nanne Halie. Deze verzetsgroep was opgedeeld in kleine, onafhankelijk opererende cellen. De leden van elke cel kenden elkaar, maar hadden geen contact met andere cellen. Een cel bestond vaak uit collega's van dezelfde onderneming, zoals de Droogdokmaatschappij Soerabaja. Zodoende viel het contact tussen de leden minder op.
De verzetsgroep verzamelde o.a. militaire inlichtingen over Droogdokmaatschappij , dat gebruikt werd om Japanse oorlogsschepen en vrachtschepen
Jacob Wattimena werkzaam was als employé bij de Droogdokmaatschappij ejn kon eenvoudig aan inlichtingen verzamelen . Deze informatie werd via een radiozender van de Verzetsgroep Koops Dekker in Malang doorgegeven aan geallieerde inlichtingendiensten in Australië, waaronder de voorloper van de NEFIS (Netherlands Forces Intelligence Service).
De verstrekte informatie was zo waardevol dat de geallieerde legerleiding besloot Soerabaja te bombarderen.
In de nacht van 21 op 22 juli bombardeerden geallieerde vliegtuigen vanuit Noord-Australië Soerabaja. De verzetsgroep 'Corsica' markeerde de doelen met honderden vuurpijlen. Deze vuurpijlen werden zowel in werkplaatsen in Soerabaja als in Malang vervaardigd. Vandaar de naam Vuurpijl-affaire.
Een volgend bombardement vond plaats in de nacht van 8 op 9 november 1943. Ook bij dit bombardement werden doelen in Soerabaja gemarkeerd door vuurpijlen.
De Japanners, met name de gevreesde Tokeitai,de marine variant van de Kempeitai, leden ernstig gezichtsverlies. Ondanks hun schrikbewind waren ze niet in staat om dit te voorkomen. Met behulp van Indonesische agenten en verklikkers van de vroegere Politieke Inlichtingen Dienst (PID) startten ze een grootschalige zoektocht naar het ondergronds verzet in Soerabaja.
Op tweede kerstdag 1943 werden tientallen verdachten, waaronder Jacob Wattimena opgepakt en gevangengezet in de Werfstraat- of Kalisosokgevangenis. Daar werden ze om bekentenissen af te dwingen maandenlang gemarteld. Enkele gevangenen overleden aan de gevolgen van deze mishandelingen.
Op 17 mei 1944 werd Soerabaja opnieuw gebombardeerd door vliegtuigen van het Britse vliegkampschip HMS Illustrious en de Amerikaanse USS Saratoga. De verzetsgroep 'Corsica' ondersteunde dit bombardement door met spiegeltjes lichtsignalen te geven en door de Japanse luchtafweer te saboteren, waardoor de Japanse vliegtuigen niet konden opstijgen en het Japanse luchtafweergeschut niet functioneerde. Naast de marinehaven Tandjoeng Perak werden o.a. de machinefabriek Braat en olieraffinaderij bij Wonokromo getroffen. 's Nachts volgden er nieuwe bombardementen, waarbij opnieuw doelen werden gemarkeerd. Deze missie op Soerabaja staat bekend als “Operation Transom”.
Als vergelding werden een maand later tientallen gevangen verzetsleden, waaronder Jacob Wattimena ter dood veroordeeld en terechtgesteld. Ze werden heimelijk in gesloten vrachtwagens naar de djatibossen in Bodjonegoro gebracht, waar de Kempeitai hen massaal op 26 juni 1944 executeerden. Vandaar de naam Verzamelgraf Bodjonegoro.
In totaal werden meer dan honderd leden van de verzetsgroep 'Corsica', waaronder haar leider de ex-assistant-resident Nanne Halie, door een Japanse militaire rechtbank veroordeeld en geëxecuteerd.
Na de oorlog bleven de nabestaanden lang in onzekerheid over het lot van hun geliefden. Dankzij onderzoek van de Oorlogsdienst Overledenen (ODO) kon de laatste rustplaats van deze verzetshelden in de bossen van Bodjonegoro worden achterhaald.
De overlijdensakte van Jacob Wattimena werd in 1949 bijgeschreven in de overlijdensregister bij de Burgerlijke Stand te Batavia/Jakarta 1949/0411
De nabestaanden van Jacob Wattimena hebben nooit erkenning gekregen van de daden van deze verzetsman.
Bronvermelding: Archief van de Opsporingsdienst Overledenen (ODO), getuigenverklaring J. Muskita, doc. 176/X/OD
Oorlogsgravenstichting — Nationaal Archief, inv. nr. 2.19.255.01, persoonsdossier 168196A
FamilySearch, Church of the Latter-Day Saints (MormonenKerk), overlijdensakte bij de Burgelijke Syand te Batavia/Jakarta 1949/0411
Geplaatst door Peter van den Broek op 30 maart 2026
Voeg zelf een monument toe
Log in om een monument toe te voegenVoeg zelf een verhaal of document toe
Log in om een bijdrage toe te voegenLeg bloemen op dit graf



